Elf jaar
Het is nu elf jaar later en we liggen weer in diezelfde woonkamer. Jij in jouw bed aan de ene kant van de ruimte en ik aan de andere kant met een dekentje over op de bank.
‘Alweer even geleden dat we hier zo samen waren’, begin ik.
‘Ja, ik zat al een tijdje op je te wachten’, zeg je terug.
‘Hoe gaat het met je?’, vraag je aan mij.
‘In al die jaren is er niks anders geworden. Alsof de tijd heeft stilgestaan’, zeg ik proberend om de vraag te ontwijken. Maar ik vrees dat dat me niet gaat lukken.
‘Je ontwijkt m’n vraag hè?’, zeg je scherp.
‘Het lukt me sinds je weg bent niet meer zo goed om die vraag te beantwoorden’, zeg ik vertwijfeld.
‘Ik ben er nu, dus tegen mij kan je het wel vertellen’, zeg je om me ook maar een beetje gerust te stellen.
‘Er zijn dagen dat ik me goed voel en ook dagen dat ik me slecht voel. Soms zijn er momenten dat ik niet aan je denk, maar dan voel ik me schuldig dat ik niet aan je blijf denken’, zeg ik met een trillende stem.
Even valt er een stilte.
‘Het is niet erg dat je ook wel eens niet aan me denkt, zoals ze altijd zeggen: het leven gaat door’, zeg jij.
‘Ja, dat probeer ik mezelf ook in te prenten. Alleen is het soms makkelijker gezegd dan gedaan. Ik wil je gewoon niet vergeten’, reageer ik terug.
‘Niet aan me denken wil niet zeggen dat ik niet een plek in je hart heb, vergeet niet dat dat ook heel belangrijk is’, zeg je.
‘Daar zit ook wel weer wat in, het gaat ook om wat er van binnen zit’, zeg ik terwijl ik in m’n telefoon op zoek ga naar de drie liedjes die we altijd luisterden voor het slapengaan.
‘Het is wat met die Trump en die gekken in Engeland met die brexit’, zeg je terwijl je de laptop aan de kant legt.
‘Nou ja, het is er de afgelopen jaren inderdaad niet echt gezelliger op geworden op de wereld. Mag ik wat vragen?’, zeg ik voorzichtig.
‘Natuurlijk, zeg het eens’, reageer je.
‘Eigenlijk is het iets waar ik al een tijdje mee worstel. Voor m’n gevoel maak ik een onwijze puinhoop van m’n leven en kloot ik maar wat aan en dan bedenk ik me vaak of je nog wel trots op me bent of zou zijn’, zeg ik.
‘Daar moet je je hoofd niet over breken. Het maakt niet uit wat je doet, ik ben en ik zal altijd trots op je zijn’, reageer je met een kleine glimlach op je gezicht.
‘Wat zie je dan?’, vraag ik door terwijl ik het vorige antwoord een plekje probeer te geven.
‘Ik zie iemand die ondanks alles iets probeert te maken van z’n leven met het nodige vallen en opstaan en nog op zoek is naar een richting’, zeg je.
‘Zoiets las ik laatst op Pinterest, dat het leven niet een lange rechte lijn is en je door de dalen juist de pieken leert waarderen’, tracht ik filosofisch over te brengen.
‘Pinterest? Wat is dat?’, vraag je.
‘Oh ja, dat is een site waar je van alles op kan zoeken. Ook plaatjes met dat soort diepzinnigheden erop’, zeg ik terug.
‘Laat me dat de volgende keer maar eens zien dan, ik heb heel veel gemist zo te horen’, zeg je.
‘Ik praat je de volgende keer wel even bij. We moeten maar eens gaan slapen, het is alweer na twaalven’, zeg ik al kijkend naar de klok.
‘Hoe laat moet je morgen naar scho..’, maar daar stopt je zin alweer.
‘Sorry, dat was automatisme’, zeg je er vlug achteraan.
‘Kan gebeuren, het is alweer even geleden’, fluister ik terwijl ik het eerste liedje start.
‘Zie ik je snel weer?’, vraag ik nog vlug.
‘Wanneer je maar wil, ik ben er altijd’, zeg je terug.
‘Welterusten. En bis morgen!’, besluit ik.
‘Bis morgen.. en wat kwam er dan ook alweer?’, vraag je.
‘Dann sind wir beiden nog daar’, vul ik aan.
‘Oh ja, dann sind wir beiden nog daar’, zeg je.
💖
BeantwoordenVerwijderen