Ik ging naar m’n oma
Het voelt gek om oma te gebruiken in de titel, aangezien het voor mij gewoon m’n ‘beppe’ is. Gekke Friese taal ook. Ik was al een tijdje niet meer op visite geweest..
Vijf jaar geleden ging ik uit huis, wat niet helemaal van harte is gegaan. Daar heb ik schuld aan, maar het thuisfront heeft ook wel een duit in het zakje gedaan. De tijd was rijp om een begeleid wonen traject in te stappen, daardoor miste ik het zondagochtendmoment dat we altijd naar haar toe gingen. Jaren verstreken en de drempel werd alleen maar groter om te gaan. Afgelopen oktober heb ik tijdens behandelgesprekken laten vallen dat ik dat contact graag weer wilde herstellen, maar hoe doe je dat in vredesnaam. Ik beschouwde dat huis als het domein van m’n vader, in die jaren dat ik er niet was heeft hij vast wel de tijd gehad om te kunnen vertellen wat voor rotkind ik wel niet zou zijn. Wat nou als ik ‘m tegenkom? Dat heb ik al eens aan de hand gehad in de supermarkt waar hij vooraan stond in de rij waar ik aansloot, ik schoot vol in standje paniek en besloot nog maar eens goed te kijken hoe duur de borrelnootjes waren. Dan zou ik helemaal in de vlekken schieten als ik ‘m ook nog moest begroeten. In de loop der tijd heb ik dus heel veel beren op de weg gecreërd die ervoor zorgden dat ik het er niet op waagde, iets waarvan ik spijt zou krijgen als het zo voort bleef duren.
Op Koningsdag was het dan zover. Twee dagen ervoor vroeg m’n nicht of ik ook wat te doen had die zaterdag, wat niet zo bleek te zijn. Het perfecte moment dus om even langs te gaan. Als een soort ‘verrassing’ stond ik om het hoekje (de hele situatie was al niet spannend genoeg) en dat bleek het dus ook te zijn. In de uren daarvoor ben ik zo vaak van gemoedstoestand gewisseld dat ik het spoor ook even bijster was van wat er nou precies door me heen ging. Zenuwen, dingen om over te praten, maar bovenal de eerste reactie spookte zo vaak door m’n hoofd. Eerst nog positief, maar dan schiet je erin door en denk je dat de deur met een klap weer dichtgaat. Wat totaal niet realistisch is natuurlijk. De eerste minuten waren wat ongemakkelijk, het was zo gek om daar na zo’n lange tijd ineens weer aan tafel te zitten.
Ze was goed op de hoogte en had de brief die ik aan m’n moeder schreef gelezen en zei dat het een mooi stukje was. Ook viel d’r op dat ik wat forser was geworden, de bouw heb ik ook van m’n moeder. Daar valt niet over te twisten. Na een gebakje (letterlijke quote: dacht je dat je niet naar binnen mocht komen met lege handen) was het tijd voor een spelletje Rummikub en dat fanatisme zit ook wel in de familie. Over de uitslag kan ik kort zijn: drie keer niet gewonnen. De rest van de familie passeerde de revue, verhalen over vroeger en ze is nog steeds aan het breien.
Naderhand was ik zo opgelucht dat het allemaal goed was afgelopen. Al die verwachtingen en gedachten vantevoren vallen van je af als je in het moment stapt, dat is echt zo vreemd. Die spanning is echt vreselijk, wie weet kan ik dat ooit omturnen in gezonde spanning. Deze dag zal me nog wel lang bijblijven en ik ben onwijs dankbaar voor de hulp die ik daarbij kreeg, zonder had het niet gelukt.
Tijdens het schrijven van dit stukkie luisterde ik een liedje met de tekst:
Ik zou wel eens een keer een stapje verder willen gaan
Gewoon dat laatste zetje
waar een ander stil zou blijven staan
En dan met eigen ogen zien wat ieder ander allang wist
Het was het niet waard, je hebt je doel gemist
Dat stapje heb ik deze keer wel gedaan wat ik normaal nooit zou durven. Het levert zoveel meer op dan je op voorhand in je stoutste dromen had bedacht.

Reacties
Een reactie posten